Toon items op tag: Steurgarnalen
EMMADORP - Bankjes op de dijk, trappen ernaartoe en informatieborden langs het plankier bij het bezoekerscentrum kunnen Het Verdronken Land van Saeftinghe nog aantrekkelijker maken voor recreanten en toevallige passanten. Zitbanken op verschillende punten op de dijk aan de Emmaweg geven wandelaars en fietsers de gelegenheid te genieten van het uitzicht - bij helder weer is de kerktoren van Bergen op Zoom te zien - over het schor zonder daadwerkelijk het reservaat in te trekken.
Saeftinghegids Richard Bleijenberg ziet bij de plaatsing van banken mogelijkheden om ook de historie van het gebied te laten herleven. Samen met een aantal andere gidsen heeft hij het idee gelanceerd om een Arenbergbank te plaatsen. De naam Arenberg behoort toe aan een adellijk geslacht uit de buurt van Leuven dat tot en met de Eerst Wereldoorlog grote delen van het grensgebied bij Saeftinghe in handen had. Omdat de Arenbergs van Duitse afkomst waren, werden hun Belgische bezittingen na de oorlog geconfisceerd. De Nederlandse eigendommen gingen in de loop der jaren ook in andere handen over. Bleijenberg: "De naam Arenberg kom je in de streek nog vaak tegen. De vroeger grens van hun voormalig eigendom is ook nog goed te herkennen door sloten en wegen die er nu nog zijn. In de jaren zeventig zijn die grenzen door de toenmalige landeigenaar nog eens opnieuw met palen aangegeven. Die grenzen verdwijnen echter langzaam en dat is zonde. Er is toch al weinig eerbied voor het verleden." De gids, die al meer dan een halve eeuw door Het Verdronken Land struint, laat de plek zien waarop de Arenbergbank zou moeten verrijzen.
Uitzicht
Een halve kilometer voorbij het bezoekerscentrum in Emmadorp, bovenop de zeedijk. Bij helder weer zoals vrijdag is de Peperbus, zoals de kerktoren van Bergen op Zoom heet, bijna met het blote oog waar te nemen. "Dit is echt een perfecte plek om even uit te rusten. Fietsers die bijvoorbeeld bij de kerncentrale van Doel een rijwiel hebben meegenomen, kijken onder aan de dijk kilometerslang alleen tegen prikkeldraad aan. Een paar banken zouden in de behoefte voorzien om eens te kijken wat er nou achter die dijk ligt." Tot een hoge recreatiedruk hoeft dat volgens Bleijenberg niet te leiden. "Saeftinghe is hier achter de dijk veel te drassig. Mensen gaan op dit punt echt niet op eigen houtje het schor in. Bovendien kun je het vanaf de dijk veel beter overzien dan in het schor zelf." Enthousiast verhaalt Bleijenberg van aalscholvers, zilverreigers en lepelaars die hij zelf het laatste jaar heeft waargenomen met een eenvoudige verrekijker. "Saeftinghe verandert nog steeds, zo de laatste jaren goed te zien hoe de schorren vooraan steeds zoeter worden. Andere planten, vogels en vissen voelen zich er nu thuis. Vorig jaar heb ik met onderzoekers ven het Rijksinstituut voor Kust en Zee nog steurgarnalen gesignaleerd in een aantal kreken. Er gebeurd zoveel in dit natuurgebied, daar moeten we gewoon zoveel mogelijk van genieten." De plannen van Bleijenberg en medegidsen passen in de ideeën van Het Zeeuwse Landschap, eigenaar/beheerder van Saeftinghe. In het beheersplan voor de komende twaalf jaar is plaatsing van een aantal banken opgenomen.
Extraatjes
In de financiering van zulke extraatjes voorziet de planning echter niet. "Meestal moet het geld voor voorzieningen als deze van buiten komen. We zijn nu eerst bezig met de realisatie van informatiepanelen over fauna en flora, eb en vloed in Saeftinghe. Die panelen komen bij het wandelplankier te staan net voor het bezoekerscentrum en we hopen ook nog dit jaar een wandelfolder te presenteren", verklaarde woordvoerder Chiel Jacobusse van Het Zeeuwse Landschap. De bezoekcijfers van het centrum bij Emmadorp stemmen Het Zeeuwse Landschap tevreden. Dit eerste jaar zullen zo’n 20.000 bezoekers worden geteld. "We waren nog niet het hele jaar open, maar dit aantal laat toch zien dat het maximum van 30.000 bezoekers dat we jaarlijks in het Saeftinghecentrum willen zien goed geschat is."

Saeftinghegids Richard Bleijenberg op de plaats waar een Arenbergbank bezoekers rust en uitzicht zou geven en tegelijkertijd de historie recht doet. Foto Peter Nicolai
Door René Hoonhorst