Toon items op tag: Cees Riemslag

Richard Bleijenberg (70) uit Nieuw-Namen is beheerder van de Meester van der Heijdengroeve in Nieuw-Namen en Saeftinghe-kenner. Vijf jaar geleden stopte hij als gids in het Verdronken Land van Saeftinghe. Hij had er toen 50.000 kilometer op zitten.

Richard Bleijenberg: 'Ik heb nog nooit een blad voor mijn mond genomen'. Foto Peter Nicolai

Hij is getrouwd met Juliana (68). Samen hebben ze vier kinderen. In z’n werkzame leven heeft hij gevaren. Hij begon als stoker op een sleepboot en was later onder andere matroos op een baggerschip.

- Hoe voelt u zich de laatste tijd? Ik begin nu te merken dat ik oud aan het worden ben. Ik ben niet meer zo bedrijvig, en sneller moe als vroeger.

- Waarom bent u zich met de archeologie en de natuur gaan bezighouden? Ik ben in de archeologie geïnteresseerd geraakt omdat ik graag wilde weten hoe mensen vroeger hebben geleefd. De natuur trok m’n interesse, omdat ik ging inzien dat mensen bezig waren de natuur te vernietigen. Dat gaat me nog steeds aan het hart. Ik wil de mensen milieubewust maken.

- Wat wilde u vroeger worden? Als ik naar m’n moeder had geluisterd, was ik missionaris geworden. Zelf was ik echter gefascineerd door het water. Als kind speelde ik op vissersschepen en vond dat prachtig. Toen ik dertien jaar was, ben ik in Terneuzen geopereerd op een hospitaalschip. Het klotsen van de golven tegen de boot vond ik machtig mooi. Toen wist ik het zeker: ik ga varen. Twee jaar later was het zover. De Westerschelde heeft me altijd gefascineerd. Voor mij is die rivier een levend iets. Je moet altijd maar afwachten wat haar eigen wil is.

- Wie zijn uw voorbeelden? Op de eerste plaats mijn schoonvader. Hij heeft me geleerd hoe ik moest rondkijken in het Verdronken Land van Saeftinghe. Piet Brand heeft me de eerste beginselen van de archeologie bijgebracht. En van Meester van der Heijden uit Nieuw-Namen, boswachter Cees Riemslag en oud-schaapherder Jan Boon heb ik geleerd te genieten van de kleine dingen in het leven.

- Waar bent u bang voor? Afscheid nemen van het leven. Niet dat ik bang ben voor de dood, maar wel heb ik angst om voorgoed afscheid te nemen van degenen die mij dierbaar zijn zoals mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen.

- Gelooft u in God? Nee, als je gelooft in de evolutie zie je dat dat onzin is. De natuur gaat haar eigen gang. Karl Marx zei het al: godsdienst is opium van het volk.

- Waar hebt u een hekel aan? Aan mensen die profiteren van andere mensen en met die kennis mooi weer gaan spelen. Dat is mij ook een aantal maal overkomen. Je voelt je als het ware misbruikt.

- Bent u ijdel? Ik sta nooit voor de spiegel. Nee, ook niet als ik op de foto moet. Mijn vrouw moet vaak tegen mij zeggen: doe eens een propere broek aan.

- Wat zijn uw drijfveren? Iets vertellen aan mijn kinderen en kleinkinderen dat ze nog niet weten. Geen theorieën uit boeken, nee het moet iets tastbaars zijn. De dingen die ik de laatste jaren in Saeftinghe en de groeve heb gevonden zijn zeker tastbaar.

- Wat maakt u verdrietig? Als ik op een kerkhof rondloop en ik zie de graven van mijn oude schoolkameraden, voel ik mij een bevoorrecht mens dat ik hier nog steeds rondloop. Ik beschouw het leven als drie maal twintig. De eerste twintig jaar groei je. De tweede twintig jaar ontwikkel je je totdat je op je veertigste op je top bent. Daarna volgt een periode van twintig jaar waarin je afbouwt. De jaren boven de zestig moet je beschouwen als een groot cadeau.

- Hoe belangrijk is geld voor u? Geld interesseert me helemaal niet. Rijkdom zit voor mij in kleine dingen in de natuur. Als je de gave hebt om dat te zien, ben je rijk. Mensen kijken teveel naar elkaar. Naar de huizen of auto’s die ze hebben. Dat maakt alleen maar afgunstig.

- Wat is uw grootste mislukking? Die heb ik niet. Ik zet een koers uit en het is me heel vaak gelukt om die doelstellingen te halen.

- Wat is uw grootste trots? Dat ik de Meester van der Heijdengroeve mag beheren. Zonder mij had die groeve er nooit zo bijgelegen als nu. Ik vrees echter wel voor de toekomst van de groeve. Er is nog steeds geen opvolger.

- Wat is uw mooiste dagdroom? Dat de vuilnisbelt bij de groeve ooit gesaneerd wordt. Op dat moment is het tijd om op te stappen als beheerder.

- Waar hebt u bewondering voor? Voor mensen die in eenvoud leven.

- Wat wilt u aan uzelf veranderen? Helemaal niets. Ik ben wie ik ben. Met een kale kop. Daar kan ik ook niets aan veranderen.

- Hoe ontspant u zich? Genieten van de natuur als ik bijvoorbeeld door Saeftinghe loop. En ik ontspan me met mijn kleinkinderen en voetbal.

- Wat wilt u nog leren? Ik hoef niets meer te leren, ik ben content. Hoe gsm’s en computers werken, hoef ik niet te weten. Die tijd is voorbij.

- Bent u moedig? Ik heb nog nooit een blad voor mijn mond genomen. Als ik ergens onrechtvaardigheid bespeur of verloedering van de Westerschelde trek ik mijn mond open. Als ik het niet eens ben met het beheer in Saeftinghe zeg ik dat. Ook al is Het Zeeuws Landschap het daar niet mee eens. En als ik dat niet mag zeggen, is er iets goed fout. Ik ben zeker geen ruziemaker.

- Waar wilt u begraven worden? Op het kerkhof in Nieuw-Namen. Het graf is er al, daar ligt m’n grootmoeder. Zij heeft ooit in het huis gewoond waar ik nu woon. Toen ik als kind haar vroeg waar de hemel was, wees ze naar boven. Daar, zei ze, waar de blauwe lucht is. Omdat het zo’n braaf mens was, wil ik bij haar begraven worden. Niet onder een duur marmeren monument, maar alleen onder een ijzeren kruis. Het liefst wil ik dan in een kist liggen die ik zelf gemaakt heb.

- Waar wilt u het liefst wonen als u niet in Nieuw-Namen woonde? In de schaapskooi op de Noord in Saeftinghe. Daar zie je de schepen varen en zit je midden in de natuur.

Van onze verslaggever